ECLI:NL:RVS:2023:2877
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep in vreemdelingenzaak
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag in een vreemdelingenzaak. Na beantwoording van een prejudiciële vraag door het Hof van Justitie van de EU trok de staatssecretaris het hoger beroep in. De vreemdeling verzocht vervolgens om een proceskostenveroordeling tegen de staatssecretaris vanwege gemaakte kosten in verband met de prejudiciële procedure.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat er sprake was van samenhangende zaken en dat de staatssecretaris reeds in een andere uitspraak was veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. Daarom zag de Afdeling geen aanleiding om het verzoek van de vreemdeling toe te wijzen.
Het verzoek om proceskostenvergoeding werd afgewezen, waardoor de staatssecretaris niet hoeft te betalen. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak op 26 juli 2023.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen; de staatssecretaris hoeft geen kosten te vergoeden.