ECLI:NL:RVS:2023:2699
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Verklaring van Geen Bezwaar voor vertrouwensfunctie op luchthaven Schiphol
Appellant werkt sinds 2018 als horecamedewerker binnen het beveiligde gebied van luchthaven Schiphol en beschikt sinds juni 2018 over een Verklaring van Geen Bezwaar (VGB). In 2019 is appellant veroordeeld voor medeplegen van oplichting, waarna de minister op grond van de Wet veiligheidsonderzoeken (Wvo) weigerde een nieuwe VGB af te geven. De minister vond onvoldoende waarborgen dat appellant haar vertrouwensfunctie onder alle omstandigheden getrouwelijk zou vervullen.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellant tegen deze weigering ongegrond. De rechtbank overwoog dat de functie terecht als vertrouwensfunctie was aangemerkt vanwege de locatie binnen het beveiligde gebied en dat de minister de belangenafweging redelijk had gemaakt, mede gelet op de zwaarte van de straf en het strafbare feit oplichting dat specifiek in de beleidsregel wordt genoemd.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat de functie ten onrechte als vertrouwensfunctie was aangemerkt, dat onvoldoende rekening was gehouden met de persoonlijke omstandigheden waaronder het strafbare feit was gepleegd, en dat de veroordeling bij verstek onzuiver was. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de rechtbank gemotiveerd had geoordeeld en dat appellant geen nieuwe, steekhoudende gronden had aangevoerd.
De Afdeling benadrukte dat de minister de omstandigheden waaronder het strafbare feit is gepleegd wel degelijk moet betrekken bij de beoordeling, maar dat de minister in dit geval voldoende informatie had meegewogen, waaronder dat appellant niet de hoofdrol speelde en dat er een risico bestaat dat zij misbruik heeft laten maken van haar toenmalige partner. De weigering van de VGB was niet onevenredig en de aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de Verklaring van Geen Bezwaar vanwege onvoldoende waarborgen voor getrouwelijke vervulling van de vertrouwensfunctie.