ECLI:NL:RVS:2023:2253
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit niet in behandeling nemen aanvraag verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam bij besluiten van 15 september en 3 november 2022 een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 16 december 2022 het besluit vernietigde vanwege een vastgesteld zorgvuldigheids- of motiveringsgebrek en de staatssecretaris opdroeg een nieuw besluit te nemen.
De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State. De Raad oordeelde dat het hoger beroep ongegrond is omdat het hogerberoepschrift geen nieuwe relevante vragen bevat die beantwoording behoeven voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Het motiveringsgebrek kan eenvoudig worden hersteld in een nieuw besluit.
De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, die door een derde beroepsmatig zijn verleend. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer op 12 juni 2023.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.