ECLI:NL:RVS:2023:1833
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor tijdelijke huisvesting arbeidsmigranten op bedrijventerrein De Rietdijk
Het college van burgemeester en wethouders van Altena verleende een omgevingsvergunning voor het tijdelijk huisvesten van 24 arbeidsmigranten op een perceel aan De Rietdijk in Giessen, in afwijking van het bestemmingsplan. Omwonenden en bedrijven op het terrein maakten bezwaar en vroegen handhaving op grond van de APV, stellende dat een exploitatievergunning ontbrak en dat de vergunning negatieve gevolgen zou hebben voor hun bedrijfsvoering.
De rechtbank oordeelde dat de vergunning terecht was verleend omdat het perceel een bedrijfswoning toestaat en dat de huisvesting geen extra belemmeringen oplevert voor omliggende bedrijven. Ook werd het handhavingsverzoek afgewezen omdat geen sprake is van een openbare inrichting in de zin van de APV.
In hoger beroep voerden appellanten aan dat het gebouw als burgerwoning werd gebruikt en dat de rechtbank onvoldoende onderzoek had gedaan naar ruimtelijke gevolgen en geluidsnormen. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het bestemmingsplan een bedrijfswoning toestaat ongeacht het verleden, dat de rechtbank terecht geen uitgebreid onderzoek heeft verricht omdat de huisvesting geen extra belemmeringen oplevert, en dat de intrekking van de beleidsregel Huisvesting arbeidsmigranten geen belemmering vormde voor vergunningverlening. Het beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning voor tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten is bevestigd.