ECLI:NL:RVS:2023:177
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- G.T.J.M. Jurgens
- G.O. van Veldhuizen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten burgemeester Amsterdam over sluiting en vergunning coffeeshop
Op 29 september 2018 vonden twee explosies plaats nabij de coffeeshop van appellante in Amsterdam, waarna de burgemeester de coffeeshop onmiddellijk sloot en later de exploitatievergunning en gedoogverklaring introk. Appellante maakte bezwaar tegen deze besluiten en tegen het weigeren van verlenging van de vergunningen. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep tegen het intrekkingsbesluit gegrond en de andere beroepen ongegrond.
In hoger beroep oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak dat de burgemeester onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het vuurwerkincident en de overlast door bezoekers een ernstig gevaar voor de openbare orde vormen dat sluiting en intrekking rechtvaardigt. Ook is onvoldoende onderbouwd waarom verlenging van de vergunning geweigerd mocht worden. De tijdelijke opschorting van het sluitingsbeleid was niet van toepassing omdat appellante geen verklaring heeft ondertekend.
De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank voor zover deze de beroepen tegen het afwijzings- en weigeringsbesluit ongegrond verklaarde en het intrekkingsbesluit niet vernietigde. De burgemeester wordt opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen, waarop alleen bij de Afdeling beroep kan worden ingesteld. Tevens wordt de burgemeester veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: De besluiten van de burgemeester tot sluiting, intrekking en weigering van vergunningen worden vernietigd wegens onvoldoende motivering en de burgemeester moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen.