ECLI:NL:RVS:2023:1622
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende rekening houden met referentiekader
De vreemdeling, een Iraakse homoseksueel, vroeg asiel aan vanwege problemen in zijn thuisland. De staatssecretaris wees de aanvraag af en weigerde tevens ambtshalve een verblijfsvergunning toe te kennen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep klaagde de vreemdeling dat de staatssecretaris onvoldoende rekening had gehouden met zijn culturele achtergrond en geestelijke gezondheid, waaronder PTSS en suïcidale gedachten.
De Raad van State overwoog dat de staatssecretaris weliswaar zorgvuldig het nader gehoor had afgenomen, maar in het besluit niet voldoende had gemotiveerd hoe rekening was gehouden met het referentiekader van de vreemdeling. Dit is in strijd met de vereisten voor een integrale geloofwaardigheidsbeoordeling zoals voorgeschreven in jurisprudentie en werkinstructies.
De Raad vernietigde daarom het besluit en de uitspraak van de rechtbank, en bepaalde dat de staatssecretaris een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een nieuwe beoordeling met inachtneming van het referentiekader.