ECLI:NL:RVS:2023:1262
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting en verstrekking opvang aan vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 10 januari 2023 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 10 maart 2023 ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet voordat op het hoger beroep is beslist en dat hem opvang en verstrekkingen moeten worden verstrekt. Dit volgt uit de toepasselijke jurisprudentie en de belangenafweging in het kader van artikel 8:81 en Pro 8:83 van de Algemene wet bestuursrecht.
Daarnaast werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, een bedrag van € 837,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter A.W.M. Bijloos in aanwezigheid van griffier E. de Groot op 29 maart 2023.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.