ECLI:NL:RVS:2022:691
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- J.E.M. Polak
- B.P. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bestuursrechtelijke ontvankelijkheid inzake verrekening proceskosten en integriteitskwestie gemeente Emmen
Appellant werkte in 2010 als applicatiebeheerder bij de gemeente Emmen op uitzendbasis en is ontevreden over de afhandeling van een integriteitskwestie door de gemeente. Deze kwestie leidde tot een civielrechtelijke procedure waarin appellant werd veroordeeld tot betaling van proceskosten. Het college van burgemeester en wethouders van Emmen verrekende deze proceskosten met een door het college verbeurde dwangsom, wat leidde tot een restschuld waartegen appellant bezwaar maakte.
Het college verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat de invordering van geldschulden via civielrechtelijke weg moet worden afgehandeld en er geen bestuursrechtelijk besluit is genomen. De rechtbank bevestigde dit oordeel en verklaarde het beroep ongegrond. Appellant stelde dat de verrekening een bestuurlijke schuld betrof en dat de integriteitsklacht bestuursrechtelijke rechtspositionele maatregelen inhield, waardoor bestuursrechterlijke toetsing noodzakelijk zou zijn.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank terecht het bezwaar niet-ontvankelijk verklaarde. De Afdeling benadrukte dat appellant via een privaatrechtelijke overeenkomst werkte en dat de integriteitskwestie reeds civielrechtelijk is beoordeeld. Er is geen sprake van een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht, zodat bestuursrechtelijke rechtsbescherming niet van toepassing is. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het bezwaar van appellant is niet-ontvankelijk.