ECLI:NL:RVS:2022:468
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Herroeping ongeldigverklaring rijbewijs wegens onvoldoende bewijs bezorging oproep
Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) verklaarde het rijbewijs van appellant ongeldig omdat hij niet was verschenen op een verplichte cursus verantwoord rijgedrag, waarvoor hij was opgeroepen per brief van 15 juni 2021. Appellant betwistte de ontvangst van deze oproep en stelde dat hij onevenredig werd getroffen door de ongeldigverklaring.
De rechtbank oordeelde dat de brief zowel aangetekend als per gewone post was verzonden en dat de aangetekende zending was bezorgd op het juiste adres, waardoor het beroep ongegrond werd verklaard. In hoger beroep stelde appellant dat het CBR geen verzendadministratie kon overleggen, dat de aangetekende zending onregelmatigheden vertoonde, en dat hij op het moment van bezorging niet thuis was.
De Raad van State oordeelde dat het CBR onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de brief op regelmatige wijze was bezorgd. De onregelmatigheden bij de aangetekende zending en het bewijs van afwezigheid van appellant op het bezorgmoment gaven reden tot twijfel. Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard, het besluit van het CBR vernietigd en het rijbewijs niet ongeldig verklaard.
Uitkomst: Het besluit tot ongeldigverklaring van het rijbewijs wordt herroepen wegens onvoldoende bewijs van regelmatige bezorging van de oproep.