ECLI:NL:RVS:2022:4009
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening verlengt begunstigingstermijn last onder dwangsom voor rooien houtwal
In deze zaak heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank Limburg het beroep van verzoeker tegen een last onder dwangsom van het college van burgemeester en wethouders van Bergen ongegrond verklaard. De last was opgelegd vanwege het rooien van een houtwal op een perceel in Bergen. Het college gelastte het planten van bomen en struiken als herstelmaatregel.
Verzoeker stelde dat de kapwerkzaamheden onder een uitzondering vielen in het bestemmingsplan, omdat deze werkzaamheden reeds in uitvoering waren bij het in werking treden van het plan. De rechtbank oordeelde echter dat het stilleggen en hervatten van de werkzaamheden in 2018 betekende dat de uitzondering niet van toepassing was.
De voorzieningenrechter van de Raad van State acht nader onderzoek naar de interpretatie van het bestemmingsplan noodzakelijk en verlengt daarom de begunstigingstermijn van de last onder dwangsom tot vier weken na de uitspraak in de hoofdzaak. Tevens veroordeelt de voorzieningenrechter het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Deze voorlopige voorziening voorkomt dat verzoeker direct dwangsommen moet betalen en stelt hem in staat om de hoofdzaak af te wachten, waarbij het plantseizoen ook in overweging wordt genomen.
Uitkomst: De Raad van State verlengt de begunstigingstermijn van de last onder dwangsom tot vier weken na de uitspraak in de hoofdzaak en veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.