ECLI:NL:RVS:2022:3242
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- C.C.W. Lange
- M. Soffers
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit verblijfsvergunning en proceskostenvergoeding wegens gewijzigde situatie Afghanistan
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 5 januari 2021 de aanvraag van een vreemdeling voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd af. De vreemdeling maakte bezwaar tegen dit besluit, dat op 12 juli 2021 ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, vernietigde het besluit van 12 juli 2021, maar liet de rechtsgevolgen van dat besluit in stand.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Raad van State, die oordeelde dat de rechtbank ten onrechte de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand liet. De Raad stelde dat bij de beoordeling rekening moet worden gehouden met de feiten en het recht op het moment van de uitspraak, waaronder het besluit- en vertrekmoratorium dat de staatssecretaris op 20 augustus 2021 instelde na de machtsovername van de Taliban.
De Raad vernietigde het besluit van 12 juli 2021 en bepaalde dat de staatssecretaris opnieuw moet beoordelen of artikel 3 EVRM Pro duurzaam verzet biedt tegen uitzetting. Tevens veroordeelde de Raad de staatssecretaris tot vergoeding van proceskosten van €759,00 aan de vreemdeling.
Uitkomst: Het besluit van 12 juli 2021 wordt vernietigd zonder dat de rechtsgevolgen in stand blijven en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.