ECLI:NL:RVS:2022:3191
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 1 juli 2022 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 12 oktober 2022 het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat de vreemdeling niet uitgezet mag worden zolang het hoger beroep loopt, en dat hij recht heeft op opvang en verstrekkingen gedurende deze periode. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, die verband houden met de beroepsmatige rechtsbijstand.
De uitspraak werd gedaan op 7 november 2022 door voorzieningenrechter C.M. Wissels. Hiermee wordt de vreemdeling beschermd tegen uitzetting totdat het hoger beroep inhoudelijk is behandeld, conform eerdere jurisprudentie van de Raad van State.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.