Uitspraak
Datum uitspraak: 27 oktober 2022
BESTUURSRECHTSPRAAK
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Raad van State
De vreemdeling, geboren in 1949 en van Iraakse nationaliteit, vroeg uitstel van vertrek vanwege ernstige medische aandoeningen waaronder verhoogde bloeddruk, mogelijk hartinfarct, parkinsonisme en een schizoaffectieve psychose. De staatssecretaris wees dit af en verklaarde het bezwaar ongegrond, stellende dat de noodzakelijke zorg in Irak beschikbaar en toegankelijk zou zijn.
De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond, maar de Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris onvoldoende onderzoek had gedaan naar de feitelijke toegankelijkheid van de medische zorg in Irak, mede gelet op de complexe lichamelijke en psychische problematiek van de vreemdeling en diens afhankelijkheid van een goed functionerend steunsysteem.
De Raad verwijst naar het arrest Paposhvili van het EHRM dat de drempel voor bescherming onder artikel 3 EVRM Pro hoog houdt, maar stelt dat de staatssecretaris de twijfel over schending van artikel 3 moet Pro wegnemen. De Raad vernietigt daarom het besluit en de uitspraak van de rechtbank en beveelt een nieuw besluit met volledige motivering en onderzoek. Tevens worden de proceskosten aan de vreemdeling toegekend.
Uitkomst: Het besluit van de staatssecretaris wordt vernietigd en terugverwezen voor een nieuw besluit met een zorgvuldige beoordeling van de feitelijke toegankelijkheid van medische zorg in Irak.