ECLI:NL:RVS:2022:3001
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitschrijving uit basisregistratie personen wegens verblijf in het buitenland
Het college van burgemeester en wethouders van Venray heeft ambtshalve het woonadres van appellant in de basisregistratie personen gewijzigd naar Marokko, omdat de Sociale Verzekeringsbank (SVB) onderzoek deed en concludeerde dat appellant sinds het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd in 2014 in Marokko woont. Appellant werd meerdere malen in de gelegenheid gesteld om zijn adreswijziging aan te geven, maar maakte hier geen gebruik van.
De rechtbank oordeelde dat het college aannemelijk had gemaakt dat appellant gedurende een jaar ten minste twee derde van de tijd buiten Nederland verblijft, en dat het college terecht het vertrek naar het buitenland in de BRP registreerde op grond van artikel 2.21, tweede lid, van de Wet BRP. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij zijn hoofdverblijf in Nederland heeft en dat hij niet op de hoogte was van de voorwaarden voor uitschrijving, maar de Raad van State onderschreef het oordeel van de rechtbank.
De Afdeling bestuursrechtspraak benadrukte dat het doel van de Wet BRP is dat de gegevens betrouwbaar en juist zijn, en dat het college bij het wijzigen van de registratie geen belangenafweging hoeft te maken. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitschrijving uit de BRP naar Marokko bevestigd.