ECLI:NL:RVS:2022:2554
Raad van State
- Hoger beroep
- B.P.M. van Ravels
- B. Meijer
- J.J.W.P. van Gastel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdige bekendmaking omgevingsvergunning voor parkeerterrein
Kennemerland Beheer heeft een aanvraag ingediend voor een omgevingsvergunning voor het bouwen van een parkeerterrein met 818 plaatsen op het terrein Veldpost te Badhoevedorp. De aanvraag betrof het bouwen van een bouwwerk en het maken en veranderen van een uitweg. Het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer stelde dat de aanvraag in strijd was met het bestemmingsplan en dat de uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing was.
Kennemerland Beheer stelde dat de reguliere procedure van toepassing was en dat de vergunning van rechtswege was verleend vanwege het verstrijken van de beslistermijn. De rechtbank verklaarde het beroep van Kennemerland Beheer niet-ontvankelijk omdat geen omgevingsvergunning van rechtswege was verleend en de uitgebreide procedure van toepassing was.
In hoger beroep betoogde Kennemerland Beheer dat het bestemmingsplan 'Badhoevedorp Lijnden Oost 1e herziening' het eerdere plan niet verving door het ontbreken van een schakelbepaling, waardoor het eerdere bestemmingsplan nog steeds gold en de aanvraag niet in strijd was. De Afdeling oordeelde dat het nieuwe bestemmingsplan slechts voor twaalf deelgebieden een nieuwe bestemming gaf en voor de rest, waaronder het perceel, het eerdere bestemmingsplan bleef gelden. Hierdoor rustte op het perceel de bestemming 'Natuur', waardoor het realiseren van een parkeerterrein in strijd was met het bestemmingsplan.
De Afdeling bevestigde dat de uitgebreide procedure van toepassing was en dat de vergunning niet van rechtswege was verleend. Daarom stond geen rechtsmiddel open tegen de niet tijdige bekendmaking van een beschikking van rechtswege. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van Kennemerland Beheer wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkheid van het beroep bevestigd.