ECLI:NL:RVS:2022:1376
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en toekenning schadevergoeding na bewaring vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde de vreemdeling op 2 februari 2022 in bewaring. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 16 februari 2022 ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling beantwoordde de rechtsvraag over het zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn naar Algerije aan de hand van eerdere uitspraken en oordeelde dat het hoger beroep gegrond is.
De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd, het beroep alsnog gegrond verklaard en de vreemdeling wordt een schadevergoeding van €9.200 toegekend voor de periode van 2 februari tot en met 4 mei 2022. Tevens worden de proceskosten van €2.277 aan de vreemdeling toegekend, te betalen door de staatssecretaris.
Uitkomst: De bewaring van de vreemdeling wordt onrechtmatig verklaard en hij krijgt een schadevergoeding van €9.200 toegekend.