ECLI:NL:RVS:2021:2861
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit niet in behandeling nemen verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam bij besluit van 11 mei 2021 een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat de staatssecretaris een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van de uitspraak.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Raad van State oordeelde dat de enige grief over de detentieomstandigheden van Dublinclaimanten in Malta reeds was beantwoord in een eerdere uitspraak (ECLI:NL:RVS:2021:2791) en dat deze grief faalt. De Raad bevestigde dat het besluit van 11 mei 2021 ondeugdelijk was gemotiveerd.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank bevestigd en de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, bestaande uit kosten van rechtsbijstand door een derde.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.