ECLI:NL:RVS:2021:2510
Raad van State
- Hoger beroep
- G.M.H. Hoogvliet
- N. Verheij
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtbankuitspraak over rechtmatigheid verwerking persoonsgegevens NS bij OV-chipkaart
Appellant verzocht de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) handhavend op te treden tegen NS wegens vermeende onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens bij het gebruik van de OV-chipkaart, met name voor reizigers met een Altijd Vrij-abonnement. De AP wees het verzoek af, waarna appellant bezwaar maakte en beroep instelde bij de rechtbank. De rechtbank oordeelde dat de AP zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat verwerking van in- en uitcheckgegevens noodzakelijk is voor de uitvoering van de vervoersovereenkomst en vernietigde het besluit van de AP wegens onvoldoende motivering.
In hoger beroep stelde appellant onder meer dat het ontbreken van het proces-verbaal van de rechtbankzitting tot nietigheid van de uitspraak leidde, dat verwerking van in- en uitcheckgegevens niet noodzakelijk was voor reizigers met een Altijd Vrij-abonnement, dat gegevens van controles onrechtmatig werden verwerkt en dat verwerking bij toegangspoortjes tot stations onrechtmatig was. De Raad voor de Rechtspraak oordeelde dat het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering niet van toepassing is, dat de griffier wel aantekeningen had gemaakt en dat de rechtbank voldoende gemotiveerd heeft.
De Raad stelde vast dat verwerking van reisgegevens noodzakelijk is voor het vaststellen van contractuele verplichtingen tussen NS en reiziger, ook bij een Altijd Vrij-abonnement. De verwerking van controlegegevens vindt niet plaats omdat controlegegevens niet worden geregistreerd en de conducteur toestemming nodig heeft om bepaalde gegevens in te zien. Het betreden van stations met toegangspoortjes rechtvaardigt verwerking van in- en uitcheckgegevens, mede vanwege de GTBV-regeling. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.