ECLI:NL:RVS:2021:2445
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekking exploitatievergunning koffiehuis wegens onvoldoende motivering
De burgemeester van Utrecht trok de exploitatievergunning van een koffiehuis in omdat daar illegaal bingo werd georganiseerd zonder vergunning, wat volgens hem gevaar opleverde voor de openbare orde en slecht levensgedrag van de leidinggevenden betrof. De rechtbank oordeelde dat de intrekking terecht was, maar dat de maatregel om een jaar lang geen vergunning te verlenen disproportioneel was. In hoger beroep betoogde appellant dat de bingo slechts tijdens de ramadan plaatsvond, met kleine prijzen, en dat er onvoldoende bewijs was voor het gestelde gevaar voor de openbare orde en slecht levensgedrag.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het illegaal organiseren van bingo zonder vergunning onbetwist is, maar dat de burgemeester onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er sprake was van een reëel gevaar voor de openbare orde of dat appellant van slecht levensgedrag was. Er was geen bewijs van grote geldbedragen of ongeregeldheden tijdens de bingo's. De processen-verbaal waren betrouwbaar, maar de conclusie van de burgemeester was onvoldoende gemotiveerd.
Daarom vernietigde de Afdeling het besluit tot intrekking van de vergunning en bepaalde dat de burgemeester een nieuw besluit moet nemen. Tevens werd bepaald dat tegen het nieuwe besluit alleen bij de Afdeling beroep kan worden ingesteld. De burgemeester werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de exploitatievergunning wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering.