Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
tussenuitspraak van de meervoudige kamer van 18 juni 2025 in de zaak tussen
[verzoeker] , uit [woonplaats] , verzoeker,
de burgemeester van de gemeente Utrecht
Procesverloop
“
Gelet op het voorgaande is het beroep gegrond. De rechtbank vernietigt het besluit voor zover het ziet op de beslissing dat eiser een jaar lang niet in aanmerking komt voor een nieuwe vergunning. Dit betekent dat eiser een nieuwe aanvraag voor een vergunning kan doen en verweerder die aanvraag moet toetsen. Dit betekent niet dat eiser automatisch een vergunning zal krijgen. Niet uitgesloten is bijvoorbeeld dat het feit dat verweerder eiser heeft aangemerkt als een persoon met slecht levensgedrag in het nadeel van eiser uitvalt. Dit valt echter buiten de uitspraak van de rechtbank.De rechtbank zal verweerder niet opdragen om een nieuw besluit te nemen en zal ook niet zelf in de zaak voorzien. Een nieuw besluit van verweerder is namelijk afhankelijk van het feit of eiser een nieuwe aanvraag voor een vergunning indient. Er valt dan ook geen vervangend besluit te nemen.”
In de uitspraak van 20 december 2023 [3] heeft de Afdeling geoordeeld dat de burgemeester het eerder geconstateerde motiveringsgebrek niet heeft hersteld. De Afdeling heeft het besluit van 19 april 2022 vernietigd en het handhavingsbesluit herroepen.
Beslissing
- bepaalt de termijn om tot overeenstemming te komen op drie maanden na verzending van deze tussenuitspraak;
- verzoekt beide partijen om over uiterlijk drie maanden, gezamenlijk dan wel afzonderlijk, verslag te doen van de onderhandelingen;