ECLI:NL:RVS:2021:2305
Raad van State
- Hoger beroep
- W.D.M. van Diepenbeek
- E.J. Daalder
- J. Gundelach
- Rechtspraak.nl
Vernietiging omgevingsvergunning windpark wegens strijd met Verordening Ruimte Noord-Brabant
Het college van burgemeester en wethouders van Bladel verleende op 26 februari 2019 een omgevingsvergunning voor de bouw en exploitatie van een windpark met vier windturbines nabij de A67. Deze vergunning was mede gebaseerd op een herbegrenzingsbesluit van het Natuur Netwerk Brabant (NNB) door het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant, waarbij delen van het NNB werden verwijderd om de bouw mogelijk te maken.
De Stichting Brabantse Milieufederatie en anderen (BMF e.a.) stelden beroep in tegen de vergunning en het herbegrenzingsbesluit. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en wijzigde een voorschrift, waarna BMF e.a. hoger beroep instelden bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het herbegrenzingsbesluit niet voldeed aan het vereiste van kleinschaligheid zoals gesteld in artikel 5.5 van de Verordening Ruimte, omdat de aantasting van het NNB-gebied 4,8 hectare bedroeg, wat niet als kleinschalig kan worden aangemerkt.
De Afdeling verwierp de stelling van het college dat gronden onder de overdraaicirkel van de rotorbladen buiten beschouwing konden blijven, omdat deze gronden na herbegrenzing niet langer onder het beschermingsregime van het NNB vallen. Hierdoor was het herbegrenzingsbesluit onverbindend en kon het niet ten grondslag liggen aan de omgevingsvergunning, die daarmee in strijd was met de Verordening Ruimte.
De Afdeling vernietigde het besluit van 26 februari 2019 en de bestreden uitspraak van de rechtbank, bepaalde dat tegen het nieuwe besluit slechts beroep kan worden ingesteld bij de Afdeling, en veroordeelde het college tot vergoeding van de proceskosten van BMF e.a. De Afdeling zag geen aanleiding voor een bestuurlijke lus en gaf geen inhoudelijke beoordeling van overige beroepsgronden.
Uitkomst: De omgevingsvergunning en het herbegrenzingsbesluit worden vernietigd wegens strijd met de Verordening Ruimte Noord-Brabant.