ECLI:NL:RVS:2021:2265
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Herroeping intrekking erkenning APK-keuringsbevoegdheid na schending vertrouwensbeginsel en matiging sanctieduur
De directie van de Dienst Wegverkeer (RDW) trok op 21 februari 2019 de erkenning van appellant sub 2 voor het uitvoeren van APK-keuringen voor voertuigen tot 3500 kg voor twaalf weken in, vanwege het bereiken van een cusumstand van 12 strafpunten na steekproefherkeuringen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant sub 2 gegrond en herroept het besluit, stellende dat het vertrouwensbeginsel was geschonden doordat toezichthouder onjuist had aangegeven dat twee gebreken als één overtreding zouden worden gezien. De rechtbank vond de sanctie van twaalf weken ook onevenredig.
De RDW stelde in hoger beroep dat de feitelijke grondslag voor intrekking bleef bestaan en dat de sanctie passend was. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte niet had onderzocht of een kortere intrekking passend was en dat de schending van het vertrouwensbeginsel de grondslag voor intrekking niet doet vervallen.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde de duur van de intrekking vast op zes weken, rekening houdend met de belangen van verkeersveiligheid en de omstandigheden van appellant sub 2, die sinds 1999 erkend is en een goede staat van dienst heeft. Het hoger beroep van de RDW werd gegrond verklaard, dat van appellant sub 2 ongegrond.
Uitkomst: De intrekking van de APK-keuringsbevoegdheid wordt herroepen voor twaalf weken en vastgesteld op zes weken.