ECLI:NL:RVS:2021:2024
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Helder
- F.C.M.A. Michiels
- P.H.A. Knol
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering watervergunning voor uitbreiding woning in rivierbed Waal
De appellant verzocht om een watervergunning voor het slopen en herbouwen van een woning in het rivierbed van de Waal, met een uitbreiding die de toegestane 10% volgens de Beleidsregels grote rivieren overschrijdt. De minister weigerde de vergunning op grond van strijd met de doelstellingen van de Waterwet, met name ter bescherming van de waterveiligheid en het voorkomen van overbebouwing van de uiterwaarden.
De rechtbank vernietigde het besluit van de minister wegens gebreken in de besluitvorming, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. De appellant stelde dat het deel van de woning boven de buitenkruinlijn niet meegeteld mocht worden bij de 10%-berekening en dat bijzondere omstandigheden toepassing van de Beleidsregels onredelijk maakten.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de vergunningplicht ook geldt voor werken boven het oppervlaktewaterlichaam en dat de 10%-regel strikt moet worden toegepast inclusief het deel boven de buitenkruinlijn. De minister heeft terecht geweigerd en voldoende gemotiveerd dat de waterveiligheid zwaarder weegt dan individuele belangen. Er is geen sprake van bijzondere omstandigheden die afwijking rechtvaardigen. Het hoger beroep is ongegrond en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de watervergunning voor de woninguitbreiding in het rivierbed.