ECLI:NL:RVS:2021:1609
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling gaswinning Groningenveld 2020-2021 en belangenafweging leveringszekerheid versus veiligheid
De minister van Economische Zaken en Klimaat stelde het winningsniveau voor het Groningenveld voor het gasjaar 2020-2021 vast op 8,1 miljard Nm3 gas, gebaseerd op operationele strategie 2. Appellanten, waaronder de Groninger Bodem Beweging en inwoners van Groningen, voerden beroep aan tegen dit besluit omdat zij vinden dat de gaswinning onvoldoende wordt beperkt en het veiligheidsbelang onvoldoende wordt meegewogen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft de zaak inhoudelijk beoordeeld, met aandacht voor het veiligheidsrisico van aardbevingen, de schadeafhandeling, de leveringszekerheid en de belangenafweging. De Afdeling concludeert dat de minister de veiligheidsnorm van 10-5 correct heeft toegepast, mede gesteund door adviezen van KNMI, TNO en SodM, en dat het versterkingsprogramma adequaat wordt uitgevoerd met maatregelen om het tempo te versnellen.
Verder oordeelt de Afdeling dat de schadeafhandeling via het IMG voldoende is geregeld en niet leidt tot maatschappelijke ontwrichting. De minister heeft ook aannemelijk gemaakt dat de gaswinning zo spoedig mogelijk wordt afgebouwd naar nul, zonder de leveringszekerheid in gevaar te brengen. De belangenafweging tussen veiligheid van omwonenden en leveringszekerheid is zorgvuldig en redelijk gemotiveerd. De beroepen worden ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.
Uitkomst: De beroepen tegen het besluit over de gaswinning Groningenveld 2020-2021 worden ongegrond verklaard; de minister mag 8,1 miljard Nm3 gas winnen.