ECLI:NL:RVS:2021:1048
Raad van State
- Hoger beroep
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit tegemoetkoming planschade na bestemmingsplanwijziging in Lieshout
De zaak betreft een hoger beroep van een woningeigenaar uit Lieshout tegen een uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant, waarin het beroep tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Laarbeek om een tegemoetkoming in planschade van €31.500 toe te kennen, ongegrond werd verklaard.
De woningeigenaar stelde dat de waardevermindering van zijn woning door het bestemmingsplan Moreeshof aanzienlijk hoger was dan door het college vastgesteld en betwistte de taxatie van de Stichting Adviesbureau Onroerende Zaken (SAOZ). Hij overhandigde een tegentaxatie van Keller Grondzaken B.V. waarin een grotere waardedaling werd vastgesteld.
De Afdeling oordeelde dat het college het advies van de SAOZ in redelijkheid mocht volgen omdat het advies zorgvuldig was opgesteld, de redenering begrijpelijk was en de conclusies daarop aansloten. Het verschil tussen de taxaties werd toegeschreven aan een verschillend gewicht van de schadefactoren, wat niet leidt tot de conclusie dat het advies onjuist of onvolledig was.
Verder werd geoordeeld dat het college terecht een drempel van 3% van de waarde van de woning hanteerde als normaal maatschappelijk risico, omdat de planologische ontwikkeling gedeeltelijk in de lijn der verwachtingen lag en binnen het ruimtelijk beleid paste. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de tegemoetkoming in planschade van €31.500 bevestigd.