ECLI:NL:RVS:2021:10
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- S.F.M. Wortmann
- F.D. van Heijningen
- J.M.L. Niederer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering handhaving bedrijfsterrein Ermelo wegens strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Ermelo weigerde handhavend op te treden tegen overtredingen van het bestemmingsplan door [partij] op het bedrijfsterrein aan de Haspelstrook. Het college beriep zich op concreet zicht op legalisatie en het onevenredige karakter van handhaving vanwege lopende verkenningen voor verplaatsing van het bedrijf.
[Appellante], exploitant van een aangrenzend recreatiepark, maakte bezwaar tegen deze weigering en startte een beroepsprocedure. De rechtbank Gelderland oordeelde dat het college ten onrechte uitging van concreet zicht op legalisatie en vernietigde het besluit. Het college handhaafde het besluit met aanvullende motivering, maar de Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het college geen kenbare belangenafweging had gemaakt en de beginselplicht tot handhaving schond.
De Afdeling oordeelde dat het college geen bijzondere omstandigheden had aangetoond die weigering van handhaving rechtvaardigen. Het besluit van 22 oktober 2019 werd vernietigd en het college werd opgedragen binnen 12 weken een nieuw besluit te nemen, met een dwangsom voor het geval van niet-naleving. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het college van B&W Ermelo van 22 oktober 2019 wordt vernietigd en het college wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak.