ECLI:NL:RVS:2020:2241
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en aanpassing bestemmingsplan Schelfhorst Natuurwonen wegens strijd met zorgvuldigheidsbeginsel
In deze zaak heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State het beroep van een appellant tegen het bestemmingsplan 'Schelfhorst Natuurwonen' van de gemeente Tynaarlo behandeld. De Afdeling had eerder bij een tussenuitspraak vastgesteld dat het oorspronkelijke plan onvoldoende concrete verwijzingen bevatte naar het beeldkwaliteitsplan, waardoor het plan niet voldeed aan het zorgvuldigheidsbeginsel van artikel 3:2 Awb Pro.
De raad van Tynaarlo stelde vervolgens een herstelbesluit vast waarin de planregels werden aangepast. De appellant bracht hiertegen zienswijzen naar voren, met name over de onduidelijkheid in de planregels omtrent de timing en de koppeling van de landschappelijke inpassing aan de bestemmingen 'Natuur' en 'Wonen - Wonen in natuur'. De Afdeling oordeelde dat het herstelbesluit op dit punt onvoldoende zorgvuldig was voorbereid en vernietigde het besluit voor zover het artikel 6, lid 6.1, onder a en b, van de planregels betreft.
De Afdeling stelde zelf een nieuwe formulering vast die duidelijk maakt dat de landschappelijke inpassing en instandhouding binnen een jaar na ingebruikname van de eerste woning respectievelijk na gereedmelding van de bouw van een woning moet plaatsvinden, gekoppeld aan de juiste bestemmingen. Tevens werd de raad opgedragen deze aanpassing binnen vier weken te verwerken in het elektronisch vastgestelde plan. De raad werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het bestemmingsplan werd vernietigd en de Afdeling stelde een aangepaste planregel vast die binnen een jaar na ingebruikname van woningen de landschappelijke inpassing en instandhouding regelt.