ECLI:NL:RVS:2020:153
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten staatssecretaris inzake afwijzing verblijfsvergunning asiel Hazara
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 11 maart 2019 de aanvragen van vier vreemdelingen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd opnieuw af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdelingen tegen deze besluiten ongegrond. Hiertegen stelden de vreemdelingen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtsvraag over de positie van de Hazara in Afghanistan, zoals behandeld in een eerdere uitspraak van 18 december 2019, relevant is voor de beoordeling van deze zaken. Op grond van die uitspraak werd het hoger beroep gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.
De besluiten van de staatssecretaris van 11 maart 2019 werden eveneens vernietigd, omdat de staatssecretaris de aanvragen opnieuw moet beoordelen rekening houdend met de actuele feiten en omstandigheden. De overige grieven behoefden geen bespreking. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdelingen.
Uitkomst: De besluiten van de staatssecretaris worden vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.