ECLI:NL:RVS:2020:100
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.A. Minderhoud
- F.D. van Heijningen
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen vaststelling uitwerkingsplan Ravelijnstraat Maastricht
Het college van burgemeester en wethouders van Maastricht stelde op 18 december 2018 het uitwerkingsplan 'Ravelijnstraat' vast, dat voorziet in de bouw van maximaal twaalf vrijstaande woningen binnen een gebied met cultuurhistorische waarde. Bewonersvereniging Ravelijn en anderen voerden beroep aan tegen dit besluit, stellende dat het plan de cultuurhistorische waarden, het woon- en leefklimaat en diverse wettelijke voorschriften zou schenden.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het moederplan Maastricht-West onherroepelijk is en dat alleen het uitwerkingsplan zelf ter beoordeling stond. Diverse beroepsgronden, waaronder over burgerparticipatie, belangenverstrengeling, milieueffectrapportage, cultuurhistorische waarden, geluidhinder, natuurwetgeving en bodemverontreiniging, werden onderzocht en verworpen. De Afdeling vond dat het college zorgvuldig had gehandeld, de wettelijke procedures had gevolgd en dat het plan in overeenstemming was met de geldende regels en een goede ruimtelijke ordening.
Het beroep werd derhalve ongegrond verklaard. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak bevestigt de rechtmatigheid van het uitwerkingsplan en de zorgvuldigheid van het besluitvormingsproces door het college.
Uitkomst: Het beroep tegen het uitwerkingsplan Ravelijnstraat wordt ongegrond verklaard en het collegebesluit blijft in stand.