ECLI:NL:RVS:2019:726
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- F.D. van Heijningen
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over omgevingsvergunning gevelwijziging en belanghebbendheid
Het algemeen bestuur verleende een omgevingsvergunning voor het inpandig veranderen en vernieuwen van een pand en het wijzigen van de achtergevel. Appellant stelde bezwaar tegen deze vergunning vanwege de gevolgen voor een aangrenzend perceel dat hij mede-eigendom heeft geërfd. De rechtbank oordeelde dat appellant geen belanghebbende was en verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk.
De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt deze uitspraak omdat appellant wel degelijk belanghebbende is als mede-eigenaar van het aangrenzende perceel. De Afdeling beoordeelt vervolgens de overige beroepsgronden van de wederpartij, waaronder de vraag of voor de gevelwijziging een omgevingsvergunning vereist is en of het bouwplan voldoet aan redelijke eisen van welstand.
De Afdeling oordeelt dat het bouwplan niet omgevingsvergunningsvrij is omdat er sprake is van een verandering van de draagconstructie. Het algemeen bestuur heeft het bouwplan terecht getoetst aan redelijke eisen van welstand en mocht het advies van de welstandscommissie volgen. Het beroep van de wederpartij wordt ongegrond verklaard. Appellant krijgt het betaalde griffierecht terugbetaald.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van wederpartij ongegrond verklaard.