ECLI:NL:RVS:2019:641
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening voorschot huurtoeslag wegens hogere rekenhuur
De zaak betreft het hoger beroep van een appellant tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland die het bezwaar tegen de herziening van het voorschot huurtoeslag over 2017 ongegrond verklaarde. De Belastingdienst had het voorschot naar nihil herzien en een bedrag van €1.696,00 teruggevorderd omdat de rekenhuur hoger was dan de maximale huur voor jongeren onder de 23 jaar.
De appellant stelde dat de huurprijs van €475,00 een all-in bedrag betrof, bestaande uit €400,00 kale huur en €75,00 energiekosten, en dat er geen aparte meters of betalingen voor nutsvoorzieningen waren. De rechtbank oordeelde echter dat de huurovereenkomst een huurprijs van €475,00 vermeldde zonder splitsing en dat de appellant niet aannemelijk had gemaakt dat dit bedrag inclusief nutsvoorzieningen was.
De Raad van State bevestigde dit oordeel, stellende dat de Belastingdienst niet verplicht was om de huurprijs op eigen initiatief te splitsen of nader onderzoek te doen, mede omdat de verklaring van de onderverhuurder niet objectief was en de huurovereenkomst na de aanvraagdatum was opgesteld. Ook het bezwaar dat de appellant niet gehoord was in de bezwaarprocedure werd verworpen omdat het bezwaar kennelijk ongegrond was.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Hoger beroep ongegrond; herziening voorschot huurtoeslag en terugvordering bevestigd.