ECLI:NL:RVS:2019:4054
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- A.W.M. Bijloos
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vaststelling beschikbaarheid medische behandeling en medicatie in Armenië bij uitzetting vreemdeling
De vreemdeling met de Armeense nationaliteit, deels verlamd door een dwarslaesie, verzocht om uitzetting achterwege te laten op grond van medische noodzaak. De staatssecretaris wees dit verzoek af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank stelde de vreemdeling in het gelijk, stellende dat de staatssecretaris onvoldoende onderzoek had gedaan naar de beschikbaarheid en geschiktheid van de medische behandeling en medicatie in Armenië.
In hoger beroep betwistte de staatssecretaris deze beoordeling en voerde aan dat de noodzakelijke medische zorg, waaronder katheterisatie en medicatie zoals fentanyl, beschikbaar en toegankelijk is in Armenië. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank ten onrechte zwaarwegende betekenis had toegekend aan enkele stukken en dat de vreemdeling onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de alternatieve behandeling niet geschikt of niet beschikbaar is.
De Afdeling vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. Hiermee blijft het besluit van 15 december 2016 in stand dat de uitzetting van de vreemdeling niet wordt achterwege gelaten.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.