ECLI:NL:RVS:2019:3412
Raad van State
- Hoger beroep
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering omgevingsvergunning bedrijfswoning wegens onvoldoende motivering
Het college van burgemeester en wethouders van Zutphen weigerde op 17 oktober 2017 een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bedrijfswoning op een perceel te Zutphen. Deze weigering werd bevestigd bij besluit van 7 maart 2018 en door de rechtbank Gelderland op 10 september 2018. Appellante stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat het bouwplan in strijd is verklaard met het bestemmingsplan omdat niet is aangetoond dat de bedrijfswoning noodzakelijk is voor de bedrijfsvoering van de jachtwerf. Echter heeft het college onvoldoende gemotiveerd waarom de aangeleverde informatie niet volstaat om de noodzaak aan te tonen. Het college gaf geen helder inzicht in de criteria voor noodzakelijkheid en wekte de indruk dat een bedrijfswoning bij de jachtwerf nooit kan worden toegestaan, wat niet strookt met het bestemmingsplan.
De Afdeling vernietigt daarom het besluit van 7 maart 2018 en de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep gegrond. Het college moet een nieuw besluit nemen met een deugdelijke motivering. Tevens is bepaald dat tegen het nieuwe besluit slechts beroep bij de Afdeling kan worden ingesteld. Het college is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellante.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het collegebesluit vernietigd wegens onvoldoende motivering, met opdracht tot een nieuw besluit.