ECLI:NL:RVS:2019:2793
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over watervergunning en bezwaarprocedure
Het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap Rijn en IJssel verleende op 31 augustus 2017 een watervergunning aan appellant. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat op 11 april 2018 door het college ongegrond werd verklaard. De rechtbank Gelderland verklaarde het beroep van appellant gegrond, vernietigde het besluit van 11 april 2018 en verklaarde het bezwaar tegen het oorspronkelijke besluit niet-ontvankelijk.
Appellant stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, waarbij hij voornamelijk wilde bereiken dat eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van 30 maart 2016 zouden worden herzien. Hij voerde echter geen gronden aan tegen de uitspraak van 5 oktober 2018 zelf. De Afdeling oordeelde dat het hoger beroep daarom ongegrond was en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Daarnaast werden eerdere herzieningsverzoeken van appellant met betrekking tot de uitspraken van 30 maart 2016 reeds als kennelijk ongegrond afgewezen. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd op 21 augustus 2019 in het openbaar uitgesproken door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.