ECLI:NL:RVS:2019:2726
Raad van State
- Hoger beroep
- J.J. van Eck
- H. Troostwijk
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verzoek uitstel uitzetting wegens psychiatrische klachten
De staatssecretaris wees het verzoek van de vreemdeling, die psychiatrische klachten heeft, af om zijn uitzetting uit te stellen op grond van artikel 64 Vreemdelingenwet Pro 2000. De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris niet aan zijn vergewisplicht had voldaan, met name omtrent het beheer van medicatie en mantelzorg. De staatssecretaris ging in hoger beroep en betoogde dat het Bureau Medische Advisering (BMA) de situatie adequaat had onderzocht en dat mantelzorg niet essentieel was.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het BMA-advies en de BMA-nota de professionele en niet-professionele zorgmogelijkheden voldoende in kaart brachten. De reisvereisten en toezeggingen van de staatssecretaris waarborgen een medisch verantwoorde uitzetting. De Afdeling oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de vergewisplicht niet was nageleefd.
De vreemdeling voerde verder aan dat onvoldoende was onderzocht of in Senegal adequate medische zorg beschikbaar is, maar de Afdeling stelde dat de vreemdeling onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat noodzakelijke zorg niet toegankelijk is. Het beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.