ECLI:NL:RVS:2019:2539
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over afwijzing Verklaring Omtrent het Gedrag voor chauffeurskaart
De minister weigerde de aanvraag van appellant om een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) voor een chauffeurskaart vanwege strafbare feiten in het Justitieel Documentatie Systeem (JDS), waaronder een veroordeling wegens medeplichtigheid aan oplichting. Appellant betwistte deze veroordeling en werd in hoger beroep vrijgesproken. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State stelde vast dat de minister het besluit niet deugdelijk had gemotiveerd door de vrijspraak niet mee te wegen.
De minister baseerde het besluit op het objectieve criterium dat strafbare feiten binnen vijf jaar een belemmering vormen voor het verkrijgen van een VOG. Het subjectieve criterium, dat omstandigheden van het geval betrekt, werd niet voldoende toegepast. De Afdeling benadrukte dat een vrijspraak in hoger beroep een bewijsstuk is dat het bestuursorgaan moet meenemen in zijn beoordeling.
De Afdeling droeg de minister op binnen zes weken het besluit te herzien en adequaat te motiveren of een nieuw besluit te nemen. Dit om het geschil spoedig te beëindigen. De uitspraak onderstreept het belang van een zorgvuldige belangenafweging en motivering bij weigering van een VOG, zeker wanneer strafrechtelijke uitspraken wijzigen.
Uitkomst: De minister wordt opgedragen het besluit tot weigering van de VOG binnen zes weken te herzien en adequaat te motiveren of een nieuw besluit te nemen.