ECLI:NL:RVS:2019:2519
Raad van State
- Herziening
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening bestuursrechtelijke uitspraak waterschap Hollandse Delta
In deze zaak verzocht [verzoeker] om herziening van een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van 16 januari 2019, waarin het hoger beroep van het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap Hollandse Delta tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam werd gegrond verklaard en het beroep van [verzoeker] ongegrond werd verklaard.
De Afdeling toetste het verzoek aan artikel 8:119 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, dat herziening mogelijk maakt indien er feiten of omstandigheden zijn die vóór de uitspraak plaatsvonden, niet bekend waren bij de verzoeker en die bij bekendheid tot een andere uitspraak hadden kunnen leiden.
De Afdeling benadrukte dat het bijzondere rechtsmiddel van herziening niet bedoeld is om het geschil opnieuw te behandelen, om reeds aangevoerde argumenten opnieuw te presenteren, of om een vermeende rechterlijke misslag te corrigeren. [verzoeker] bracht geen nieuwe feiten of omstandigheden naar voren die aan deze criteria voldeden.
De Afdeling concludeerde dat het verzoek niet aan de voorwaarden voor herziening voldoet en wees het verzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
De uitspraak werd gedaan door lid van de enkelvoudige kamer E. Steendijk, in aanwezigheid van griffier Y.M. van Soest-Ahlers, op 24 juli 2019.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van de bestuursrechtelijke uitspraak wordt afgewezen wegens ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.