ECLI:NL:RVS:2019:2412
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvragen van vreemdelingen afgewezen
Bij besluiten van 15 februari 2019 heeft de staatssecretaris de aanvragen van twee vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen. De rechtbank Den Haag verklaarde deze beroepen gegrond, vernietigde de besluiten en beval de staatssecretaris nieuwe besluiten te nemen.
De minister van Justitie en Veiligheid stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De Raad van State heeft in haar overwegingen verwezen naar een eerdere uitspraak over de opvang in Italië van gezinnen met minderjarige kinderen na overdracht volgens de Dublinverordening.
De Raad van State oordeelt dat het hoger beroep kennelijk gegrond is, vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart de beroepen van de vreemdelingen ongegrond. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en de beroepen van de vreemdelingen ongegrond verklaard.