ECLI:NL:RVS:2019:2357
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- H.G. Sevenster
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing ontheffing hogere windturbine in Friese Verordening Romte Fryslân
Het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden verzocht het college van gedeputeerde staten van Fryslân om ontheffing te verlenen van de Verordening Romte Fryslân 2014, die het vervangen van bestaande windturbines door hogere turbines verbiedt. Dit verzoek werd op 6 juni 2017 afgewezen. De rechtbank Noord-Nederland verklaarde het beroep van het college van burgemeester en wethouders ongegrond. In hoger beroep betoogde het college dat artikel 9.2.1 van de Verordening onverbindend moest worden verklaard omdat het in strijd zou zijn met de Wet op de ruimtelijke ordening (Wro) en dat het gemeentelijk belang onvoldoende was betrokken.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de Verordening terecht geen ontheffingsmogelijkheid biedt voor het plaatsen van hogere windturbines, omdat provinciale staten bewust hebben gekozen voor een beleid gericht op clustering en sanering van windturbines om versnippering van het landschap te voorkomen. Dit beleid weegt zwaarder dan het gemeentelijke belang bij duurzame projecten. Daarnaast werd geoordeeld dat het verzoek niet als een verzoek tot vaststelling van een inpassingsplan kon worden aangemerkt, zodat het college van gedeputeerde staten niet verplicht was dit aan provinciale staten voor te leggen.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Hiermee blijft het verbod op het vervangen van windturbines door hogere exemplaren zonder ontheffing onverkort van kracht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek om ontheffing voor een hogere windturbine wordt bevestigd.