ECLI:NL:RVS:2019:2294
Raad van State
- Hoger beroep
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens gewijzigde situatie in Soedan
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 22 februari 2018 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde dit besluit op 5 april 2018 gegrond en vernietigde het, met de opdracht aan de staatssecretaris een nieuw besluit te nemen.
De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in. Op 25 oktober 2018 wees de staatssecretaris opnieuw een afwijzend besluit. De vreemdeling voerde hiertegen beroep aan bij de rechtbank, die het beroepschrift aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State doorzond.
De Afdeling overwoog dat de situatie in Soedan was gewijzigd door de afzetting van president Omar Al-Bashir en de machtsovername door een militaire raad. Daarom verklaarde de Afdeling het hoger beroep kennelijk ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Tevens verklaarde zij het beroep tegen het besluit van 25 oktober 2018 gegrond, vernietigde dit besluit en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van proceskosten van €1024,00.
Uitkomst: Het besluit van 25 oktober 2018 tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.