ECLI:NL:RVS:2019:1313
Raad van State
- Hoger beroep
- B.P. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing urgentieverklaring wegens onvoldoende medische urgentie en geen toepassing hardheidsclausule
Appellante, woonachtig op de zevende etage van een flat in Utrecht, vroeg een urgentieverklaring aan wegens medische problemen waaronder PTSS, depressieve stoornis en angstklachten gerelateerd aan haar woonsituatie. Het college wees de aanvraag af op basis van een medisch advies dat geen medische urgentie vaststelde.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak. Het medisch advies was gebaseerd op dossieronderzoek, gesprekken en medische gegevens en concludeerde dat de woonsituatie niet onhoudbaar was en dat mentale klachten bij adequate behandeling zouden afnemen.
Appellante stelde dat de hardheidsclausule toegepast had moeten worden, maar de Raad van State oordeelt dat het college dit beleid niet onredelijk heeft toegepast en dat haar situatie niet levensbedreigend of daarmee vergelijkbaar is.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 12 juli 2018.
Uitkomst: De afwijzing van de urgentieverklaring wordt bevestigd wegens het ontbreken van een medische onhoudbare woonsituatie en geen toepassing van de hardheidsclausule.