ECLI:NL:RVS:2019:1107
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen standplaatsvergunning
Bij besluit van 6 februari 2017 verleende het college een vergunning aan belanghebbende voor een standplaats op de weekmarkt van Schagen. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar diende dit pas op 2 mei 2017 in, na afloop van de wettelijke termijn. Het college verklaarde het bezwaar gegrond en herzag het besluit, maar de rechtbank vernietigde dit herzieningsbesluit en verklaarde het bezwaar van appellant niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.
Appellant stelde in hoger beroep dat hij door het college verkeerd geïnformeerd was en dat hij mocht vertrouwen op een oplossing zonder bezwaar te hoeven maken. De Raad van State overwoog dat appellant op 2 maart 2017 op de hoogte was van het besluit en dat de bezwaartermijn toen nog ruim drie weken was. Het niet ontvangen van het besluit en toezeggingen tijdens een gesprek konden de termijnoverschrijding niet verschoonbaar maken.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Hiermee blijft het besluit van het college van 23 augustus 2017, waarin het bezwaar van appellant gegrond werd verklaard en het oorspronkelijke besluit werd herroepen, vernietigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.