ECLI:NL:RVS:2018:970
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- J.J. van Eck
- R.J. Koopman
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete en openbaarmaking inspectiegegevens bij asbestverwijdering
De minister legde aan [appellante sub 2] een bestuurlijke boete van €26.100,- op wegens overtredingen van het Arbobesluit bij asbestverwijderingswerkzaamheden en besloot inspectiegegevens openbaar te maken. De rechtbank verklaarde het bezwaar van [appellante sub 2] gegrond voor een deel van de boete en vernietigde het besluit tot openbaarmaking. De minister stelde hoger beroep in, terwijl [appellante sub 2] incidenteel hoger beroep instelde.
De Raad van State overwoog dat de asbestinventarisatie niet volledig was omdat de mestkelders niet waren geïnventariseerd, terwijl dit volgens het Arbobesluit en de Arboregeling wel vereist was. Ook oordeelde de Raad dat de machinist van de verreiker als mede-uitvoerder van asbestverwijderingswerkzaamheden een DAV-certificaat had moeten bezitten, ondanks het protocol machinisten dat dit onder voorwaarden uitsluit, omdat dit protocol niet bindend is.
Verder werd geoordeeld dat de openbaarmaking van inspectiegegevens op grond van artikel 8 van Pro de Wob gerechtvaardigd is en dat deze gegevens als milieu-informatie kwalificeren, waardoor het belang van [appellante sub 2] bij geheimhouding niet opweegt. Het hoger beroep van de minister werd gegrond verklaard, het incidenteel hoger beroep van [appellante sub 2] ongegrond en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard en het beroep van [appellante sub 2] ongegrond, waarbij de boete en openbaarmaking worden bevestigd.