ECLI:NL:RVS:2018:766
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- S.F.M. Wortmann
- F.D. van Heijningen
- E.A. Minderhoud
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroepen tegen verlening omgevingsvergunning voor vervanging windturbines Windpark Westeinde
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland verleende op 6 juni 2017 een omgevingsvergunning aan Windpark Westeinde B.V. voor het vervangen van zeven bestaande windturbines aan het Jaagpad te Breezand. Tegen dit besluit stelden meerdere appellanten beroep in wegens onder meer geluidsoverlast, slagschaduw, veiligheidsrisico's en privaatrechtelijke belemmeringen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft de zaak op 9 februari 2018 behandeld en uitgebreid onderzocht of het college de juiste procedures heeft gevolgd, waaronder de toepassing van de coördinatieregeling uit de Elektriciteitswet en de Wet ruimtelijke ordening. Tevens is beoordeeld of de ruimtelijke onderbouwing, het akoestisch onderzoek, de milieueffectrapportage en veiligheidsaspecten adequaat zijn gewaarborgd.
De Afdeling concludeert dat het college de omgevingsvergunning met inachtneming van de geldende wet- en regelgeving heeft verleend. De geluidnormen worden niet overschreden, de stilstandsregeling voor slagschaduw is adequaat, en er is geen sprake van onaanvaardbare veiligheidsrisico's. Privaatrechtelijke belemmeringen zijn niet evident en behoren tot de civiele rechter. De milieueffectrapportage is niet vereist gezien het karakter van de vervanging.
De beroepen worden ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Het besluit van 6 juni 2017 blijft daarmee in stand.
Uitkomst: De beroepen tegen het besluit tot verlening van de omgevingsvergunning voor de vervanging van windturbines worden ongegrond verklaard.