ECLI:NL:RVS:2018:4113
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen plaatsing ondergrondse restafvalcontainer te Dreumel
Het dagelijks bestuur van Avri heeft op 23 oktober 2018 besloten om locatie W019R te Dreumel aan te wijzen voor de plaatsing van een ondergrondse restafvalcontainer (ORAC). Verzoeker, woonachtig nabij deze locatie, maakte bezwaar tegen dit besluit en verzocht om een voorlopige voorziening om plaatsing te voorkomen totdat op zijn bezwaar is beslist.
Verzoeker stelde dat het dagelijks bestuur niet in redelijkheid de locatie heeft kunnen aanwijzen, omdat de oorspronkelijke locatie aan de overkant van de straat was gewijzigd zonder duidelijke motivering. Daarnaast zou de plaatsing nabij locatie W019R leiden tot een verkeersonveilige situatie door een te krappe bocht voor vrachtverkeer en het verleggen van kabels en leidingen.
Het dagelijks bestuur verwees naar richtlijnen voor plaatsing van inzamelvoorzieningen en een memo van Antea Group waarin werd toegelicht dat de wijziging van locatie op verzoek van het college van burgemeester en wethouders plaatsvond vanwege veiligheidszorgen. Ook werd aangegeven dat kabels verlegd moeten worden, maar dat dit technisch mogelijk is. De voorzieningenrechter constateerde echter dat het besluit geen motivering bevatte over de locatiekeuze en dat de memo niet inging op de verkeersonveiligheid. Tevens achtte de rechter het ontbreken van alternatieve locaties onvoldoende onderbouwd.
Na afweging van belangen besloot de voorzieningenrechter het besluit tot plaatsing van de ORAC op locatie W019R te schorsen totdat op het bezwaar is beslist. Tevens werd het dagelijks bestuur veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot plaatsing van de ondergrondse restafvalcontainer op locatie W019R wordt geschorst totdat op bezwaar is beslist.