ECLI:NL:RVS:2018:3994
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- R. van der Spoel
- B.J. Schueler
- Rechtspraak.nl
Openbaarmaking juridische kosten bestuursorgaan op grond van Wob
Het bestuur van de Stichting Afwikkeling Maror-gelden Overheid weigerde op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) een verzoek tot openbaarmaking van juridische facturen van het advocatenkantoor Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn. Het verzoek betrof facturen over de periode 1 januari 2015 tot 6 november 2016. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond, omdat de gevraagde stukken volgens haar geen bestuurlijke aangelegenheid betroffen.
In hoger beroep stelde appellant dat de juridische kosten direct invloed hebben op de hoogte van uitkeringen en derhalve wel degelijk een bestuurlijke aangelegenheid vormen. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het bestuur een bestuursorgaan is voor zover het besluiten neemt over uitkeringen en dat de juridische kosten ten laste komen van de eigen begroting, gefinancierd met subsidiegelden. Hierdoor heeft het verzoek betrekking op een bestuurlijke aangelegenheid.
De Afdeling vernietigde het besluit van het bestuur en de uitspraak van de rechtbank. Zij bepaalde dat de facturen openbaar gemaakt moeten worden, behoudens de specificatie van uren en uurtarieven, om onevenredige benadeling van het advocatenkantoor te voorkomen. Tevens werd het bestuur veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het bestuur moet de juridische facturen openbaar maken, behoudens uren en uurtarieven, en wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.