ECLI:NL:RVS:2018:3851
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen verblijfsvergunning asiel
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris op 15 oktober 2018 niet in behandeling werd genomen. De rechtbank Den Haag verklaarde het daartegen ingestelde beroep van de vreemdeling op 13 november 2018 ongegrond. Hiertegen stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 23 november 2018 besloten dat de vreemdeling niet mag worden overgedragen zolang het hoger beroep loopt. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot het vergoeden van de proceskosten van €501,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Deze beslissing is genomen met toepassing van artikel 8:81 en Pro 8:83, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, waarbij rekening is gehouden met eerdere jurisprudentie (ECLI:NL:RVS:2016:3350). De uitspraak biedt de vreemdeling tijdelijke bescherming en waarborgt opvang en verstrekkingen gedurende de procedure.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden overgedragen totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.