ECLI:NL:RVS:2018:3757
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdelingen in hoger beroep asielzaak
Bij besluiten van 24 mei 2018 heeft de staatssecretaris de aanvragen van meerdere vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De vreemdelingen stelden beroep in bij de rechtbank, die deze beroepen op 21 augustus 2018 ongegrond verklaarde. Tegen deze uitspraak werd hoger beroep ingesteld bij de Raad van State.
De vreemdelingen verzochten de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen, zodat zij niet worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt en zij opvang en verstrekkingen ontvangen conform de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers. De voorzieningenrechter overwoog dat het verzoek, gelet op eerdere jurisprudentie, toewijsbaar was.
De voorzieningenrechter bepaalde dat de vreemdelingen niet mogen worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 501,00, toe te rekenen aan rechtsbijstand verleend door een derde partij.
Uitkomst: De vreemdelingen mogen niet worden uitgezet totdat op hun hoger beroep is beslist en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.