ECLI:NL:RVS:2018:3404
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling tijdens hoger beroep asielweigering
De staatssecretaris heeft op 22 juni 2017 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De vreemdeling heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 17 september 2018 ongegrond verklaarde. Vervolgens heeft de vreemdeling hoger beroep ingesteld bij de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft overwogen dat het verzoek om niet uitgezet te worden tijdens de behandeling van het hoger beroep, en om opvang en verstrekkingen te ontvangen, gegrond is. Dit oordeel is mede gebaseerd op eerdere jurisprudentie (ECLI:NL:RVS:2016:3350). De staatssecretaris is veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 501,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
De voorzieningenrechter heeft bij wijze van voorlopige voorziening bepaald dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist. Deze uitspraak werd op 17 oktober 2018 in het openbaar uitgesproken door mr. J.J. van Eck, voorzieningenrechter.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.