ECLI:NL:RVS:2018:3028
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit vergoeding bezwaar ligplaats ontheffing Deventer
Het college van burgemeester en wethouders van Deventer wees op 17 december 2013 de aanvraag van appellante af voor ontheffing om een ligplaats aan de locatie in Deventer in te nemen. Na diverse bezwaar- en beroepsprocedures, waaronder vernietigingen door de Afdeling bestuursrechtspraak, verleende het college op 15 februari 2018 alsnog de ontheffing met voorschriften en kende een vergoeding van €249 toe voor de behandeling van het bezwaar.
Appellante was het niet eens met deze vergoeding en stelde dat het college het besluit van 17 december 2013 met terugwerkende kracht had moeten herroepen en de ontheffing vanaf die datum had moeten verlenen. Tevens betwistte zij de aan de ontheffing verbonden voorwaarden en de hoogte van de vergoeding.
De Afdeling oordeelde dat het college terecht een nieuw besluit heeft genomen en dat er geen grond is voor terugwerkende kracht. De aan de ontheffing verbonden voorwaarden zijn gegrond en passend binnen de bevoegdheid van het college. Wel stelde de Afdeling vast dat de vergoeding van €249 onjuist is, omdat het hier een overig geval betreft waarvoor een vergoeding van €501 passend is. Daarom vernietigde de Afdeling het besluit voor zover het de vergoeding betreft en stelde de vergoeding vast op €501, inclusief een vergoeding van het griffierecht van €170.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de vergoeding voor de behandeling van het bezwaar wordt verhoogd van €249 naar €501.